Rob Schoonen 1

Langzaam het doek afpellen

Paul Isphording

 Schilderij van Paul Isphording.

ED 15 januari 2010

De schilderijen van Monet, steeds weer schieten de doeken van die Franse schilder door mijn hoofd als ik kijk naar het werk van Paul Isphording. En dan niet willekeurig zo maar wat doeken, maar die van Monets tuin in Giverny.

Uiteraard die van de lelies, maar meer nog die van de bloemen en struiken - zo gekoesterd door de naamgever van het Impressionisme. Als je goed kijkt naar die schilderijen dan voel je bijna de obsessie van de man. Zeker de latere werken zijn een eerbetoon aan de natuur, maar meer nog aan het schilderen zelf. Steeds minder zie je op die doeken. Waar eerst nogal eens het Japans aandoende brugje werd gepenseeld en hij speelde met de ruimte in het doek, bestaan de latere schilderijen in feite uit niet meer dan planten of de schittering van het licht op het water - heel dichtbij weergegeven.

Isphordings schilderijen en tekeningen hebben evenzeer iets obsessiefs - in de positieve betekenis van het woord. Dat zie je aan de manier van schilderen. De Eindhovenaar begint niet voorzichtig met een schets in houtskool of met een penseeltje zes. Hij lijkt zich op het doek te storten, met alles wat hij in zich heeft. De verf wordt getrokken, wordt geduwd. Met potloden of krijtjes gaat hij al niet veel anders om: als doldwaas kringelen de lijnen zich over de drager - in gevecht met de verf of juist de geschilderde vlakken ondersteunend.

De manier waarop ruimte in het werk is gelegd, dát maakt waarschijnlijk dat de schilderijen van Isphording mij doen denken aan die van Monet. Met je ogen het doek of het blad aftasten en dan - laagje voor laagje - het schilderij afpellen. Dat is wat je doet bij de Franse schilder en datzelfde doe je nu in Bladel. Het grote verschil is natuurlijk dat Isphording zijn objecten of motieven van ondergeschikt belang vindt - heel anders dan Monet die wel degelijk naar de natuur schilderde.

Isphording ontleent zijn thema's aan wat hij ziet - meestal dingen buiten. Maar dat is niet zichtbaar in zijn doeken. We kunnen rietpluimen zien of grashalmen, maar dat is aan elke beschouwer om dat vast te stellen - de kunstenaar zelf laat zich daar niet over uit.

Hem gaat het om die ruimte in dat specifieke werk - eigenlijk werkt Isphording een beetje als een beeldhouwer. Dat is een mooie eigenschap voor een schilder.

De beelden in deze presentatie zijn van Christoph Krane en die stelt ietwat teleur. De reliëfs waarin hij delen van de stalen objecten in elkaar laat grijpen: dat hebbenwe eerder (en beter) gezien. Het oogt ook een beetje academisch allemaal, een beetje voorspelbaar en eenvoudig.

Uitzonderingen zijn de beelden die hij heeft in cortenstaal. Het lijkt wel alsof dat stoere materiaal hem beter ligt of uitdaagt tot grotere daden. Hoe dan ook zijn de twee - op cirkelvormige vormen gebaseerde - objecten buitengewoon boeiend om te zien. De verschillende onderdelen van die beelden grijpen op een heel spannende manier in elkaar en maken het tot interessante sculpturen. Dat lukt hem in de werken van roestvrij staal een stuk minder.

Schilderijen van Paul Isphording en beelden van Christoph Krane. Galerie de Kort, Oranje Nassaulaan 2, Bladel. Open: zaterdag en zondag van 13-17 uur. Tot 8 februari.

© Paul Isphording 2015